Zomertijd

Jawel, het is weer zover. De klok is een uur vooruit gegaan. Het is zomertijd. Aan de ene kant heerlijk. De dagen worden langer en het voorjaar mag nu echt los gaan barsten. Aan de andere kant altijd weer moeilijk, omdat ik naar een nieuw ritme moet. Juist die omschakeling vrees ik het meest bij het verschuiven van de klok.

Toen ik de eerste bibberige stappen zette om mijn eetbuienstoornis onder controle te krijgen, waren ritme en regelmaat het allerbelangrijkst. Ik had vaste eetmomenten per dag en daar hield ik mij met een bijna militair regime aan. Sterker nog, als ik om de een of andere reden pas een half uur later kon eten dan gepland, kon ik inwendig helemaal in paniek raken. Ik werd kribbig en ongeduldig en was vooral bang. Bang voor de fysieke reactie van mijn lichaam. Bang voor de honger en daarmee bang voor een volgende eetbui.

Die eerste moeilijke periode ligt alweer jaren achter me. Maar de noodzaak van een vast ritme is er nog steeds. Het is een houvast, een anker in mijn dagelijkse bestaan. In januari ben ik gestart in een nieuwe baan. Daarvoor moest ik eerder van huis en kwam ik ook een stuk later thuis dan voorheen. Mijn hele dag- en eetritme ging op de schop en het kostte met echt een goede maand voor alles weer lekker liep. Met het nodige gesnaai tussendoor. Dat mag. Ik weet inmiddels dat dit erbij hoort als mijn ritme zo op de schop gaat. Toch ben ik altijd erg opgelucht als alles weer 'gewoon' is.

Het voordeel van een vast ritme is trouwens wel dat je er makkelijker van af kunt wijken. Dat lijkt tegenstrijdig, maar dat is niet zo. Juist omdat er door de vaste tijden rust in mijn eetpatroon is, kan ik makkelijker een uurtje later eten zonder in paniek te raken. Mijn lichaam kent door het vaste ritme geen extreme schommelingen meer in eetmomenten. Belangrijker nog is dat de hoeveelheden eten die naar binnen gaan niet meer zo extreem verschillen. Ik kan daardoor beter naar mijn lichaam luisteren. Nog geen honger? Dan wacht ik nog even. Wel honger en er gaat al een collega lunchen? Dan ga ik gewoon mee.

De zomer- en wintertijd zijn altijd extra spannend. Want dat verschuift alles een uur. Soms gaat dat heel soepel (zoals deze keer). Soms kost het veel meer moeite en ben ik echt een paar dagen van slag. Zeker bij de wintertijd als ik pas een uur later 'mag' eten komt er nog wel eens een (kleine) eetbui op mijn pad. Maar ook dat accepteer ik.

Ik besef mij heel goed dat ik levenslang heb door mijn eetstoornis. Ik zal altijd gevoelig blijven voor suikers en vetten en moet constant de handrem op mijn eetgedrag houden ten aanzien van zoetigheid en snacks. Regelmatig eten is daarbij het beste 'medicijn'. Was alles maar zo makkelijk....