Ik wil jullie graag mijn verhaal vertellen. Maar voor ik dat ga doen, wil ik eerst een blog voor mijn ouders schrijven.

Deze onderstaande brief is voor mijn ouders, een brief die ik destijds nooit had kunnen schrijven. Ouders zijn een soort van vijand voor de eetstoornis patiënt. Ze staan zogezegd aan de “verkeerde” kant. Dat moet moeilijk zijn voor ouders. Degene waar je het meest van houdt, zet zich af tegen jou, tegen eten en strubbelt met het leven. Vechtend voor een leven zonder eetstoornis, maar het is toch altijd weer sterker. Het moet moeilijk zijn om toeschouwer te zijn als je kind lijdt aan een eetstoornis. Ouders, ook voor jullie is het hard werken. Knokken om weer nader tot je kind te komen. Het te begrijpen, maar ook ertegen te vechten. Ik hoop dat mijn brief ook een troost kan zijn voor jullie. Want ook al heeft de eetstoornis ons, wij kunnen jullie niet verliezen!

Lieve mam en pap,

Ik lijk in mijn karakter op u ma. Onzeker, extreem gevoelig, emotioneel. We trekken ons allebei dingen gauw persoonlijk aan. Ook vinden we het allebei moeilijk om onze gevoelens te delen. We kroppen onze gevoelens op en af en toe huilen we. Het liefst alleen. Ja mam, ik ken u beter dan u denkt.

In mijn vorige blog schreef ik dat niemand van mijn anorexia af weet. Inmiddels heb ik mijn geheim verteld. Eerst aan jou mam, op een middag dat u op de zolder aan het strijken was. U zag aan me dat er iets was. Ja mam, u kent mij ook dondersgoed.

U schrok, voelde u verraden, opgelicht, voorgelogen. De rest van mijn familie reageerde met: oh verdorie, dus toch, had het maar verteld dan waren we er voor je geweest. Maar voor u was het anders, persoonlijker. In de periode dat ik ziek was, was uw mijn verpleegster, moeder, maar ook vriendin en held. Dankzij u leef ik nog. Ben ik een sterke vrouw en moeder geworden. Maar op het moment dat ik het u vertelde stortte uw wereld weer even in elkaar.

Moest u weer terugdenken aan al die momenten, dat ik zei: ik haat eten mam! Dat ik huilend onder een kussen lag. De momenten waarop u mij wou helpen, alleen het allerbeste voor me wou. Dat u het voor me op nam, tegen de dokters en verpleging, familie en vrienden. Nee, ze heeft geen anorexia….   

Heeft u het verkeerd gedaan? Nee mam, al uw inzet, tranen en frustratie waren niet verkeerd. Ik zei het al, u was mijn verpleegster, moeder, vriendin en held. U hielp mij op de moeilijke momenten. Nam me mee naar buiten, gaf me structuur en zekerheid. Dankzij uw strenge maar liefdevolle aanpak is het ons gelukt.

Natuurlijk had het anders kunnen lopen, maar he, uiteindelijk is het me gelukt. Ben ik vrij van mijn eetstoornis. Mam, misschien zeg ik het wel eens te weinig, maar ik hou zielsveel van u. En destijds vond ik het lang niet altijd leuk. Maar nu ik zelf moeder ben van 3 prachtige kinderen snap ik uw tranen, angst en hulpeloosheid. Het willen strijden, alles over hebben voor je kinderen. U deed dat mam, u deed dat met alle liefde die u in u had. Voor mij, en voor iedereen van wie u zoveel houd.

Mam, als u nu nog eens verdrietig bent. Vertel het me dan, want u kunt altijd op me rekenen. Ik wil dat u me weer vertrouwt. Dat u kunt vertellen wat u voelt, ik wil u kunnen troosten. Want u bent er altijd voor mij geweest.

Pap, natuurlijk vergeet ik u niet. Hoe zou ik kunnen. U speelt altijd een rol op de achtergrond. Over gevoelens praat u liever niet. Dat is zó modern ;). Maar ik voel wat er in uw hart leeft, het verdriet en de frustratie. Maar ik zie dat u ook van mij houdt. Ondanks dat u dat moeilijk vindt om te vertellen. Pap, ik hou ook van u.

Liefs,

Mij