Onderschat je eigen rol niet. De behandeling van een eetstoornis is voor diegene een zware tijd. Je zoon of dochter, partner, familielid of vriend(in) kan alle steun van zijn of haar omgeving gebruiken.

Professionele hulp

De eerste stap naar professionele hulp is de huisarts. Die weet precies hoe iemand verder geholpen kan worden. Als jouw naaste nog niet toe is aan een bezoek aan de huisarts, maar jij maakt je wel echt zorgen, kun je de arts misschien zelf opzoeken voor advies.

De huisarts kan doorverwijzen naar allerlei soorten hulp. Wat het beste voor jouw kind, partner, broer of zus of vriend(in) is, is natuurlijk afhankelijk van de ernst en vorm van de eetstoornis. De huisarts kan hem of haar bijvoorbeeld doorsturen naar:

  • een coach,
  • een assertiviteitscursus,
  • een psycholoog/psychiater,
  • een RIAGG of GGZ-instelling,
  • een polikliniek van een psychiatrisch ziekenhuis of van de psychiatrische afdeling van een algemeen ziekenhuis (PAAZ) of
  • een speciaal behandelcentrum of kliniek voor eetstoornissen.

Het succes van de hulp is voor een groot deel afhankelijk van de houding van de persoon met de eetstoornis. Hoe eerlijk is hij of zij? Maar net zo belangrijk is het dat er een klik is tussen de hulpverlener en degenen die hulp nodig heeft. Als ouder, partner, vriend of familielid is het dus heel belangrijk om in de gaten te houden of deze hulpverlener wel degene is die bij jouw naaste past.

Behandelingen

Er zijn allerlei vormen van behandelingen. Welke vorm voor jouw kind, partner, familielid of vriend(in) het meest geschikt is en wat het beste bij hem of haar past, is afhankelijk van de situatie, leeftijd en natuurlijk zijn of haar voorkeur. Er is bijvoorbeeld individuele gesprekstherapie, (cognitieve) gedragstherapie, groepstherapie of gezinstherapie. Ook is er een combinatie van verschillende vormen mogelijk. Ook hier geldt weer: hoe eerlijker jouw naaste is, hoe beter hij of zij geholpen kan worden.

Opname ziekenhuis bij ernstige ondervoeding

Bij ernstige vermagering, ernstige ontregeling van het lichaam door bijvoorbeeld braken en/of laxeermiddelengebruik of bij ernstige psychische klachten kan opname in het ziekenhuis of een (gespecialiseerd) psychiatrisch ziekenhuis nodig zijn. Dit hangt uiteraard af van de ernst van de lichamelijke of geestelijke problemen. Bij zeer ernstig vermagerde mensen die niet door zelfstandig eten aankomen, kan het, om hun leven te redden, nodig zijn sondevoeding toe te dienen. Meer is hierover te lezen in de Richtlijn behandeling in algemeen ziekenhuis

Vaak wordt pas met een psychotherapeutische behandeling begonnen als degene met de eetstoornis in een redelijke lichamelijke conditie verkeert, omdat ernstige ondervoeding leidt tot stoornissen in het gevoelsleven. Sterk vermagerde mensen voelen vaak niet veel of weten niet meer wat ze voelen. Ze zien de ernst van hun problematiek niet meer voldoende in of voelen zich volkomen onmachtig iets aan hun situatie te veranderen.

Speciaal behandelcentrum of kliniek

Er zijn in Nederland een aantal speciale behandelcentra of eetstoornisklinieken, met de mogelijkheid om ambulant, poliklinisch of klinisch behandeld te worden. Deze instellingen hebben doorgaans wachtlijsten. Naast deze centra is bij een toenemend aantal hulpverleningsinstanties in heel Nederland steeds meer specifieke deskundigheid aanwezig. Kijk bij Welke hulp is er beschikbaar voor een overzicht.

Nazorgtrajecten

Verspreid in het land bestaan er ook nazorgprojecten. Deze bieden (ex-)patiënten de mogelijkheid om na afronding van hun behandeling nog ervaringen uit te wisselen en elkaar te steunen.

Wel eens van de Richtlijn terugvalpreventie gehoord? Al diverse hulpverleners werken met deze richtlijn en waarborgen dat iemand niet snel terugvalt na een hulptraject. Via de link hierboven kun je ze ook gratis downloaden!